damster kraant
www.damsterkraant.nl

Pleidooi voor Damster Dag van de Vertelkunst

Foto Solwerderstraat 18 met Otto Sterman (foto uit het familie-archief) Otto Sterman bezig met de schoonmaak van het prachtig gerestaureerde huis aan de Solwerderstraat 18.

Appingedam dankt prachtige
restauratie aan Otto Sterman

Door Egbert Zijlema, oud-Damster
appingedam — In de Solwerderstraat staat een prachtig gerestaureerd pand: Eben Haëzer. Het is waarschijnlijk het meest gefotografeerde en in elk geval het meest fotogenieke huis in de Damster binnenstad, sinds het in de eerste helft van de jaren zeventig van de vorige eeuw werd opgeknapt in opdracht van een bijzondere eigenaar: Otto Sterman, acteur en vertelkunstenaar. Met die opvallende restauratie drukte Sterman een onuitwisbaar stempel op de Damster binnenstad, wat hemzelf stempelt tot een bijzondere "Damster".

Otto Sterman: Oom Otto...
Bij het grote publiek is Otto Hendrik Sterman (1913-1997) ongetwijfeld vooral bekend als acteur. Hij speelde zowel op het toneel als in een indrukwekkende rij films, waaronder Plantage Tamarinde (1964), Wan Piepel (1976) en The Johnsons (1992). Maar Sterman was toch vooral een begenadigd verhalenverteller. Al in de jaren vijftig van de vorige eeuw zette hij als Oom Otto prachtige vertellingen over Broer Konijn op de grammofoonplaat. Br'er Rabbit, zoals de originele Broer Konijn bij de zwarte volksverteller Uncle Remus heette, speelt de hoofdrol in tal van volksverhalen, die rond het eind van de negentiende eeuw in het zuiden van de Verenigde Staten werden verteld. Later werden de figuren uit deze vertellingen ingelijfd door Walt Disney en getransformeerd tot de getekende strip-karakters, die de meesten van ons vast wel kennen uit de Donald Duck. Sterman, de onbetwiste meester-verteller, vertolkte die prachtige avonturen op onnavolgbare wijze. Luister maar eens naar het geluidsfragment bij dit artikel.
Anno 1706
In zijn "rol" als verhalen-verteller maakte Otto Sterman in oktober 1970 kennis met Appingedam. Vrijwel op slag viel hij voor de bouwstijl van het huis aan de Solwerderstraat 18, waar twee generaties kapper Boerema hadden gewoond. Sterman had na een optreden in de Fivelstad wat tijd over voor een wandeling, zo vertelde hij in de zomer van 1974 aan een verslaggever van het Nieuwsblad voor de Eemsmond. Hij bleef een tijdje rondhangen om het historische pand van alle kanten te bekijken. Volgens de muurankers aan Damsterdiep-zijde dateert het uit 1706, maar mogelijk is het zelfs ouder. Aan een groenteman (Jos Barkema, die een paar huizen verderop woonde) vroeg Sterman waar het huis in de verkoop stond en nog de zelfde avond zat hij in het toenmalig makelaarskantoor Hoving en Luursema te onderhandelen over de aankoop. Twee weken na die gedenkwaardige avondwandeling was Amsterdammer Otto Sterman de gelukkige eigenaar van een huis dat later een van de meest gefotografeerde panden in de Damster binnenstad zou worden.
Foto Solwerderstraat 18 voor de restauratie (foto uit het familie-archief) Foto Solwerderstraat 18 na de restauratie (foto uit het familie-archief) Links: Solwerderstraat 18 vóór de restauratie. Rechts: "Eben Haëzer", kort na de restauratie in 1974.

======

Sterman ging niet permanent in de Solwerderstraat wonen. Dat liet zijn werk als veelgevraagd acteur niet toe. Maar elk vrij moment, zowel in de weekeinden als tijdens de vakanties, brachten hij en zijn (tweede) vrouw door in Appingedam, om fietsend en wandelend bij te komen van de hectiek van de hoofdstad.
Het toen zo rustige en relatief stille Appingedam paste wel bij Sterman, over wie sportjournalist en -presentator Mart Smeets naar aanleiding van Stermans dood zo treffend schreef in zijn (toenmalige) column in Trouw: "Soms kwam hij op een oude fiets de straat in. Hij reed mooi langzaam, bijna als in een sur-place. Dan zwaaide hij ons royaal toe en dan wisten we dat het goed met hem ging. Vaak liep hij. Rustig en op 't gemak. Als een mens zonder haast, een uitstervend ras."
Ondanks het feit dat het pand onvermijdelijk nogal eens onbewoond was of tijdelijk door familie en vrienden werd gebruikt, kregen de Stermannen toch iets met Appingedam. Citaat uit een e-mailtje van Marijke Sterman-Vleeschdraager, Otto's weduwe: "We hadden leuk contact met veel Damsters. Bijvoorbeeld onze overburen van Tropenfauna, eerst de familie Messchendorp en later de familie Kijlstra, hebben er altijd voor gezorgd dat wij in Amsterdam onbezorgd konden zijn over het huis in Appingedam. Tijdens de zaterdagmarkt zorgde ik altijd voor koffie en koekjes voor de mensen van de kaaskraam tegenover ons huis en kon dan rustig boodschappen gaan doen en de deur open laten, er werd goed op het huis gepast!"
De nieuwe eigenaar was zich er van het eerste moment af van bewust dat hij het pand niet kon laten in de toestand waarin het op het moment van aankoop verkeerde. Hij wilde dat ook niet. Zijn gevoel voor historische schoonheid zei hem dat een grondige en deugdelijke restauratie nodig was, want de laatste restauratiebeurt – onder regie van de destijds bekende architect Evert Rozema – had Solwerderstraat 18 ondergaan in de jaren dertig.
Herstel- en opknapbeurt
Otto Sterman ging daarom in zee met de Damster architect J.J. Smith. De herstel- en opknapbeurt duurde tot 1974, getuige het op het pand geschilderde jaartal. Het was de facto het eerste huis dat werd gerestaureerd als deel van het Beschermd Stadsgezicht Appingedam, het predikaat dat de mooie Damster binnenstad in 1972 werd toegekend.

Na de restauratie werd het pand in aanwezigheid van genodigden officieel geopend. Bij die gelegenheid werd ook het in het pand gevonden, eveneens herstelde uithangbord onthuld met een nieuwe naam erop: Eben Haëzer. Otto had die "geleend" van het rusthuis waar zijn moeder de laatste jaren van haar leven doorbracht. Maar natuurlijk wist hij als bijbelkenner de oud-testamentische oorsprong van deze naam, die Samuël zou hebben gegeven aan de gedenksteen die hij in de woestijn oprichtte nadat het volk van Israël de Filistijnen versloeg: "Steen der hulp". Daarbij zou Samuël de volgende woorden hebben gesproken: tot hier heeft de Heer ons geholpen. De diepere betekenis daarvan komt als Stermans eigen beleving terug in de tekstregel die hij op de lijst van het pand liet schilderen: Als God voor ons is, wie zal tegen ons zijn?

De familie Sterman verkocht het pand in 1997, toen Otto's gezondheid achteruit begon te gaan. Op 84-jarige leeftijd overleed hij in november van dat jaar in de stad waar hij ook geboren was, Amsterdam. Maar het architectonische stempel, dat hij in de Solwerderstraat op de Damster binnenstad zette, valt niet meer uit te wissen. Zou het niet mooi zijn als Appingedam ter nagedachtenis aan deze bijzondere "Damster" een cultureel evenement op de kaart zou zetten dat in het teken staat van de nobele vertelkunst?
DANKWOORD:
Veel dank ben ik verschuldigd aan:
– Marijke Sterman-Vleeschdraager, Otto Stermans weduwe.
– Sona van de Bunt-Sterman, zijn dochter.
Zij waren bereid het familie-archief voor me "om te keren" en mij enkele informatieve knipsels uit het Nieuwsblad voor de Eemsmond toe te sturen. Ook de bij dit artikel gebruikte foto's zijn afkomstig uit dit archief.

BRONNEN:
Marten Buschman in Onvoltooid Verleden over Otto Sterman als honkballer en coach.
Otto Sterman: puur, prachtig en rechtlijnig, column Mart Smeets in Trouw van 22 november 1997.
Informatie aangaande de vertellingen over Broer Konijn (met dank aan Peter Oosterhout).
Een artikel in Wikipedia over de vertellingen van Otto Stermans Amerikaanse "voorganger", Uncle Remus.
– Twee artikelen in Nieuwsblad voor de Eemsmond; juli 1974 en september 1974.
=========================
Valid XHTML 1.0 Strict Valid CSS!